Het volgende stukje is (met toestemming) overgenomen uit de Hondewereld en is typerend voor wat er binnen mijn ras de "Irish Softcoated Wheaten Terrier" plaats vindt.

 

Een kynologische sluipmoordenaar

Is het u ook weleens opgevaIlen hoe snel keurmeesters, exposanten en fokkers gewend raken aan veranderingen binnen een ras. In veel gevallen gaat het zelfs zover dat men deze veranderingen geleidelijk tot gewenste eigenschappen verheft.

Het zijn meestal honden van bekende fokkers/exposanten die een bepaalde verandering (lees: trend) binnen een ras in gang zetten. Denk bijvoorbeeld aan de wat grote Dwergschnauzer met de terrier "look", de wat vlakkere, elegantere Shih Tzu met z’n lange hals; de steeds grotere en imposantere Weimaraner; de "Amerikaanse" Engelse Springer Spaniel, om maar enkele rassen te noemen.

Zodra een dergelijke hond van enigszins "afwijkend" type begint te winnen, dan gaat het balletje rollen. De hond komt in de ere-ring, de ene keurmeester stoot z’n buurman aan en zegt tegen de ander: "Heb je die mooie hond gezien". Fokkers en exposanten zien dat keurmeesters die hond mooi vinden en gaan proberen om ook dat type te fokken en/of te kopen. Op zo’n moment lijkt voor een aantal mensen die rasstandaard opeens niet meer zo belangrijk en wordt het succes in de showring tot hoogste doel verheven.

Wanneer je enige tijd later langs de ring zit bij zo’n ras, dan kan het voorkomen dat er in een klas van bijvoorbeeld vijf reuen er vier "afwijkers" naast een "standaard" hond staan. Bij de meeste keuringen zal de "standaard" hond als afwijker worden gezien en de "afwijkers" komen dan achter de bordjes te staan. Voor die fokkers die de standaard trouw volgen een zeer frustrerende zaak.

De verleiding is natuurlijk ook groot. Veel van de "afwijkers" zijn vaak als "hond" heel mooi, niet zelden tonen ze een gangwerk dat met E&B (Exterieur & Beweging’s) ogen bekeken aantrekkelijker is dan het "standaard" gangwerk. Je moet dus van goede, rasspecialistische, huize komen om die verleiding te weerstaan en het geloof in de "standaard"-hond in woord en daad te prediken.

Vaak leiden de ontstane type-verschillen in een ras tot een polarisatie, zowel bij de keurmeesters als bij de fokkers. Een van de kenmerken van deze polarisatie is dat men bepaalde eigenschappen van de honden nog wat gaat aandikken om vooral maar goed herkenbaar te zijn.

Zo kunnen we dus constateren dat het niet geheel "standaard" vast zijn van veel fokkers/exposanten en keurmeesters een direct gevaar oplevert voor het in stand houden van onze rashondenpopulaties.

Behalve gewenning aan nieuwe "trends" binnen het ras, is ook het wennen aan ingeslopen fouten een probleem van soortgelijke, zoniet grotere, omvang. Wanneer keurmeesters bij herhaling honden met dergelijke fouten met een "Uitmuntend" belonen en ook nog kampioenschappen geven, zullen de fokkers niet zo’n grote uitdaging zien in het verbeteren; ze winnen immers toch wel! In zulke gevallen blijven alleen de echte idealisten over om aan rasverbetering te doen en hoeveel van deze mensen hebben we binnen een ras?

Het kritiekloos accepteren van veranderingen die het oog strelen maar de standaard kwetsen, betekent dat je een kynologische sluipmoordernaar uitnodigt om binnen het ras zijn verwoestende werk te verrichten. Bezien in het kader dat fokken niets meer en minder is dan het doorgeven van genetisch materiaal aan een volgende generatie, dan betekent deze acceptatie het bewust toelaten en verspreiden van genetische afwijkers waardoor het erfelijk materiaal op onverantwoorde wijze wordt ‘besmet’.

Zou het niet goed zijn als fokkers en keurmeesters minstens eenmaal per maand de standaard van de, onder hun hoede zijnde rassen goed door zouden nemen en wat kan het waardevol zijn om met enige regelmaat fokkers en keurmeester bij elkaar te brengen om bepaalde "trends" en fouten bespreekbaar te maken.

Vergeet niet dat de enige ‘rode draad’ tijdens het keuren en het fokken die FCI-rasstandaard dient te zijn. Gedraag u dus als trouwe discipelen en verkondigde "standaard"-leer!

 

Met toestemming van de schrijver "Hans Hilverda " en de uitgever : De Hondenwereld, Maart ’97

 

Home